|
|
1050, Het begin van Harlingen
De terp van Almenum werd al ver voor het ontstaan van Harlingen bewoond. In de terp zijn Romeinse potscherven en sporen van een houten kerk aangetroffen.1 De kerk zou rond het jaar 777 zijn gesticht. Op de vruchtbare terpflank lagen mogelijk akkers waar Tuinbonen, Gerst, Vlas en Huttentut konden worden verbouwd. Op de kwelder liep vee, er waren dobbes met drinkwater. Delen van de kwelder gebruikte men als hooiland.2 De eerste ringdijk rond Westergo werd in de 11e eeuw aangelegd.3 Hoewel die dijken niet alle stormvloeden konden tegenhouden werd het veiliger om buiten de terp te gaan wonen.
Boerderijen verplaatsen zich van het centrum van de terp naar de rand.4 Harlingen begon mogelijk als een rijtje huisjes van vissers of handelaren die langs een geultje gingen wonen. Op de eerste kaart van de stad, door Jacob van Deventer (~1540), valt de diagonale lijn van de latere Grote Kerkstraat al op. Vaak dateren markante lijnen uit de beginperiode van een nederzetting. De zuidelijke geul laat ik meanderen, op de paleogeografische kaart is daarvoor geen aanwijzing, het gebied ligt tegenwoordig deels in zee en onder de haven waardoor er geen grondboringen meer mogelijk zijn.
|